Ontwerpprincipes

Ten aanzien van de ontwerpprincipes voor voorzieningen voor mensen met een handicap wordt onderscheid gemaakt tussen:

  • de woonomgeving;
  • het projecteren van routes;
  • afzonderlijke voorzieningen.

Voor iemand met een handicap is zijn woonomgeving alleen goed bruikbaar als hij of zij zich daarin veilig en comfortabel kan bewegen. De volgende ontwerppunten zijn daarvoor belangrijk.

  • Principes bij projecteren van routes

    Voorzieningen voor mensen met een handicap kunnen ook schakels zijn die tezamen een route vormen. Zulke routes moeten bij voorkeur deel uitmaken van een netwerk of zijn gebaseerd op een structureel plan voor dergelijke voorzieningen. Afhankelijk van de soort handicap van de gebruikers kunnen de routes er verschillend uitzien.

    Lees meer

    • Auditief gehandicapten

      • Denk eraan dat naderende voertuigen in een erf slecht (of niet) worden gehoord.
      • Verminder de noodzaak om de weg te vragen door een duidelijke ruimtelijke structuur en/of verschaf informatie hierover op een plattegrond.
    • Slechtlopenden

      • Zorg voor gemakkelijke trappen met tussenbordessen.
      • Plaats zitbanken op beschutte plaatsen.
      • Regen en kou verminderen de afstand die kan worden gewandeld. Regen, ijzel en sneeuw maken het wegdek glad. Extra bescherming tegen koude en wind is gewenst bij bushalten, in winkelcentra en tussen woning en garage. Winderige open ruimten en grote windsnelheden rondom hoge gebouwen zijn hinderlijk. Zorg zo mogelijk voor beschutting op de belangrijkste routes en punten.
    • Rolstoelgebruikers

      •  Let op de bedieningshoogte van drukknoppen, parkeermeters en -automaten.
      • Zorg voor zo veel mogelijk continuïteit in het karakter van routes (geen grote versmallingen, geen trap in rolstoelroute).
      • Een sneeuwlaag maakt rolstoelgebruik onmogelijk, hellingbanen kunnen door ijzel en sneeuw onbegaanbaar worden. Zorg daarom zo nodig voor beschutting op de belangrijkste routes en punten.
    • Blinden en slechtzienden

      • Vermijd obstakels in looproutes.
      • Breng borden aan palen, uitsteeksels aan gevels, enzovoort boven hoofdhoogte aan.
      • Vermijd plotselinge en ongemarkeerde hoogteverschillen.

      Lees meer