Waarschuwings­markering

Basis niveau

  • Een waarschuwingsmarkering wijkt wat betreft klank, structuur en kleur af van de geleidelijn en is daarom geschikt om onoverzichtelijke en gevaarlijke situaties te markeren.
  • Waarschuwingsmarkeringen worden uitsluitend op die plaatsen aangebracht waar een gevaarlijke situaties kunnen ontstaan, zoals bij:
    • trappen (bovenaan),
    • oversteekplaatsen
    • beëindiging van een geleidelijn zonder dat aansluitend op de geleidelijn een gidslijn kan worden gevolgd
  • Noppenvlak: minimaal 0,60 x 0,60 m

Lees meer

Waarschuwingsmarkering

Klik op de afbeelding om te vergroten

Vorm

  • Noppen
  • Materiaal dat in kleur en tast kan afwijken van de aanwezige bestrating, e.e.a. afhankelijk van de situatie
  • Kleur van de waarschuwingsmarkering bij voorkeur wit

Detaillering

  • Noppenvlak: minimaal 0,60 x 0,60 m
  • Diepte noppenvlak: 0,60 m
  • Lengte noppenvlak: variabel (min. 0,60 m), het hart van de lengte van het vlak ligt altijd in het verlengde van het hart van de geleidelijn
  • Waarschuwingsmarkering kenmerkt zich door een met de voet en een taststok voelbaar profiel
  • De afstand tot obstakels bedraagt ten minste 0,30 m en bij spoorovergangen ten minste 0,60 m
  • De kleur van de markering is blijvend contrasterend met die van de omgeving en de geleidelijn
  • Noppen in opliggend reliëf
  • Noppen in een vierkant (orthogonaal) rasterpatroon
  • Richting van het rasterpatroon t.o.v. de geleidelijn is voor de waarschuwingsfunctie niet relevant
  • Diameter nop: 0,025 m
  • Hoogte nop: 0,005 m
  • De hart-op-hartafstand tussen de noppen is 0,06 m (orthogonaal) en 0,08 m (diagonaal)
  • De afstand van het hart van de nop tot het eind van de tegel is 0,03 m